Verslag pleeggrootouder-en-kleinkind-dag 1 november 2025 in Museum Kinderdorp Neerbosch
1. Inleiding
Op 1 november 2025 vond de jaarlijkse Pleeggrootouder-en-kleinkind-dag (LPGD) plaats in het historische Museum Kinderdorp Neerbosch te Nijmegen. Deze dag, georganiseerd door de Stichting Belangenbehartiging Pleeggrootouders Nederland (SBPN), stond in het teken van ontmoeting, kennisdeling en het versterken van de positie van pleeggrootouders binnen de Nederlandse pleegzorg. Het programma bood ruimte voor verdieping, uitwisseling van ervaringen en praktische handvatten voor de dagelijkse praktijk van pleeggrootouders.
2. Welkom en Opening
De dag werd geopend door Birgit, die alle aanwezigen hartelijk welkom heette. Zij benadrukte het bijzondere karakter van de locatie en de groeiende rol van pleeggrootouders in de Nederlandse pleegzorg. Inmiddels is circa 33% van de pleegzorgsituaties in handen van grootouders, een aandeel dat de afgelopen jaren gestaag is toegenomen. Birgit onderstreepte het belang van samenwerking met landelijke partners, zoals LOPOR, om de belangen van pleeggrootouders krachtig te kunnen behartigen.

Pleeggrootouders nemen een unieke positie in binnen het pleegzorglandschap. Zij combineren de rol van opvoeder met die van grootouder, wat zowel emotioneel als praktisch uitdagingen met zich meebrengt. De toename van het aantal pleeggrootouders vraagt om specifieke ondersteuning, erkenning en maatwerk in beleid en praktijk.
3. Museum Kinderdorp Neerbosch
Het Kinderdorp Neerbosch is een van de oudste instellingen voor kinderopvang in Nederland en heeft een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van de jeugdzorg. De instelling werd opgericht door Johannes van ‘t Lindenhout, een pionier op het gebied van kinderbescherming. Het museum is sinds 1996 toegankelijk voor publiek en fungeert als kenniscentrum voor de geschiedenis van de jeugdzorg.
Esther Bánki, directeur van het museum, verzorgde een boeiende introductie over het Kinderdorp Neerbosch, een plek met een rijke geschiedenis. Sinds de oprichting in 1863 hebben meer dan 20.000 kinderen hier gewoond. Het dorp was oorspronkelijk bedoeld voor weeskinderen, maar later ook voor pleegkinderen. De maquette in het museum geeft een beeld van het dorp rond 1962, een tijd waarin het nog volledig zelfvoorzienend was. In de loop der jaren veranderde de jeugdzorg en werden veel oude gebouwen vervangen door nieuwbouw.
Het museum herbergt een unieke collectie kunstwerken, gebruiksvoorwerpen en gereedschappen die het dagelijks leven en de opvoeding van de kinderen illustreren. Zo zijn er schilderijen van oud-bewoner Albert Majoor, die het leven in Neerbosch in vijftig acrylwerken heeft vastgelegd. De collectie biedt niet alleen een inkijkje in de geschiedenis van de jeugdzorg, maar ook in de maatschappelijke ontwikkelingen rondom kinderopvang en opvoeding in Nederland.

Meer lezen: Museum Kinderdorp Neerbosch
4. Keynote LOPOR – Landelijk Overleg PleegOuderRaden
4.1 Introductie LOPOR
Aad Koolaard en Jan Lucke verzorgden namens LOPOR een inspirerende keynote. LOPOR is het landelijke platform waarin pleegouderraden van Nederlandse pleegzorgorganisaties samenwerken. Het doel is het delen van kennis en ervaring, het ondersteunen van pleegouderraden in hun medezeggenschapstaken en het behartigen van de belangen van pleeggezinnen en pleegkinderen op centraal niveau.

LOPOR is in 2011 opgericht om de 26 pleegouderraden in Nederland met elkaar te verbinden. De raden hebben een wettelijke status en zijn gekoppeld aan de grote jeugdzorgorganisaties. LOPOR fungeert als katalysator en initiator van landelijke thema’s binnen de pleegzorg en onderhoudt structureel contact met stakeholders zoals de NVP, Jeugdzorg Nederland, het Ministerie van VWS, de VNG en leden van de Tweede Kamer.
Meer lezen: https://www.lopor.nl/
Contact met de LOPOR: info@lopor.nl
4.2 Praktijkervaringen van pleeggrootouders
Jan Lucke deelde zijn persoonlijke verhaal: na het overlijden van zijn dochter werd hij plotseling pleeggrootouder van twee kleinkinderen. Dit bracht niet alleen praktische uitdagingen met zich mee, zoals schoolkeuze, oudergesprekken en dagelijkse opvoeding, maar ook het verwerken van het verlies van zijn eigen kind. Jan benadrukte het belang van goede ondersteuning door pleegzorgorganisaties en het delen van ervaringen met andere pleeggrootouders.
Aad Koolaard vulde aan met voorbeelden uit de praktijk, zoals het beperken van het aantal hulpverleners per kind (maximaal twee aan tafel) om de rust en het overzicht voor kinderen te bewaren. Ook werd het belang van rouwbegeleiding voor pleeggrootouders besproken. Pleeggrootouders dragen vaak een dubbele last: zij rouwen om hun eigen kind en dragen tegelijkertijd de zorg voor hun kleinkinderen.
4.3 Vragen en antwoorden
Tijdens de interactieve sessie kwamen diverse thema’s aan bod:
- Rouw en verlies: Pleeggrootouders ervaren vaak een dubbele rouw. Het inschakelen van een rouwcoach kan helpen bij het verwerken van verlies en teleurstelling.
- Angst en onzekerheid: Sommige grootouders durven geen contact op te nemen met pleegzorg uit angst hun kleinkinderen te verliezen.
- Culturele verschillen: In andere culturen is tijdelijke opvang door grootouders heel normaal; in Nederland wordt dit soms als problematisch gezien.
- Juridische kwesties: Onderwerpen als gezag, blokkaderecht (na één jaar zorg voor een pleegkind), bankzaken en erfenis kwamen aan bod. Het belang van goede juridische ondersteuning werd benadrukt.
- Netwerk en belangenbehartiging: Het oprichten van belangengroepen voor pleeggrootouders en het actief zoeken van aansluiting bij de pleegouderraad (POR) van de eigen organisatie werd als tip meegegeven.
Achtergrond: Het blokkaderecht is een belangrijk juridisch instrument voor pleegouders. Na een jaar onafgebroken zorg voor een pleegkind kunnen pleegouders de rechter verzoeken om het kind niet zonder hun toestemming uit huis te plaatsen. Dit recht biedt extra bescherming en zekerheid voor pleeggezinnen.
5. Mockingbird – Samen voor het kind!
Aad introduceerde het Mockingbird-concept, een innovatieve vorm van pleegzorg die in Nederland steeds meer aandacht krijgt. Binnen Mockingbird vormen zes tot tien pleeggezinnen een ‘constellatie’, ondersteund door een ervaren ‘hubhome’-pleegouder. Deze hubhome fungeert als centraal aanspreekpunt en biedt praktische en emotionele steun aan de gezinnen. Regelmatige bijeenkomsten en gezamenlijke activiteiten versterken het netwerk en zorgen voor herkenning en erkenning.
Mockingbird is gebaseerd op het idee dat het ‘een dorp vergt om een kind op te voeden’. Door de onderlinge steun en samenwerking ontstaat er meer stabiliteit voor pleegkinderen en hun gezinnen. De eerste ervaringen in Nederland zijn positief: pleegouders voelen zich gesteund, kinderen bouwen duurzame relaties op en de kans op breakdowns neemt af.
Het Mockingbird-model is afkomstig uit de Verenigde Staten en wordt inmiddels in meerdere landen toegepast. Onderzoek laat zien dat deze aanpak leidt tot meer tevredenheid onder pleegouders, minder plaatsingsbeëindigingen en betere uitkomsten voor kinderen.

Meer lezen: https://mockingbirdnederland.nl/
6. Parallelronde 1 – Verbindend gezag

Mjan van der Heijden verzorgde een interactieve workshop over ‘Verbindend gezag’, een opvoedkundige benadering ontwikkeld door Haim Omer. Verbindend gezag richt zich op het versterken van de positie van opvoeders door het combineren van liefdevolle betrokkenheid met duidelijke grenzen. De methode is geïnspireerd op geweldloos verzet en stelt dat opvoeders vooral controle hebben over hun eigen gedrag, niet over dat van het kind.
6.1 Principes van verbindend gezag
- Controle over jezelf: Opvoeders leren hun eigen gedrag te sturen en niet te vervallen in macht of dwang.
- Waakzame zorg: Er wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende niveaus van zorg (groen, oranje, rood), afhankelijk van de situatie.

- Hand van verbinding en hand van verzet: Symbolische handvatten om zowel nabijheid als begrenzing te bieden.
- Doorbreken van negatieve patronen: Door anders te reageren op lastig gedrag, ontstaat ruimte voor herstel en groei.
6.2 Praktische tips
- Rouw en verlies: Erken het verdriet van zowel pleeggrootouders als pleegkinderen.
- Grenzen stellen: Wees duidelijk en consequent, maar blijf altijd in verbinding.
- Zelfzorg: Zorg goed voor jezelf als opvoeder; alleen dan kun je er zijn voor het kind.
Verbindend gezag wordt steeds vaker toegepast in gezinnen, scholen en de jeugdzorg. Het biedt een alternatief voor zowel autoritair als toegeeflijk opvoeden en sluit aan bij de behoefte aan meer balans tussen liefde en grenzen.

Meer lezen of contact met Mjan:
- Email: M.vanderHeijden@entrealindenhout.nl
- Informatie: https://www.geweldloos-verzet.nl/methode/
- Podcast: https://www.geweldloos-verzet.nl/podcast/
7. Parallelronde 2 – Oplossingsgericht werken

Karlijn Bijloo gaf een workshop over oplossingsgericht werken, een methodiek die uitgaat van de kracht en mogelijkheden van gezinnen. In plaats van te focussen op problemen, wordt gekeken naar wat wél werkt en welke successen er al zijn behaald.
7.1 Kernprincipes
- Focus op gewenste situatie: Wat wil je bereiken? Hoe ziet succes eruit?
- Benoemen van uitzonderingen: Wanneer ging het (al een beetje) goed? Wat deed je toen anders?
- Stimuleren van zelfregie: Gezinnen worden aangemoedigd om zelf oplossingen te bedenken en stappen te zetten.
Achtergrond: Oplossingsgericht werken is breed inzetbaar in de jeugdzorg en het onderwijs. Het vergroot het zelfvertrouwen en de veerkracht van kinderen en opvoeders en draagt bij aan duurzame verandering.
Meer lezen: Oplossingsgericht werken – NJi
7.2 Praktische oefening

De deelnemers deden een oefening waarbij zij terugdachten aan een recent succes en onderzochten hoe zij dit vaker kunnen bereiken. Door het stellen van gerichte vragen en het delen van ervaringen ontstond een positieve en hoopvolle sfeer.
8. Kinderprogramma
Het kinderprogramma werd in de ochtend verzorgd door Dönci Bánki. Met creatieve en speelse werkvormen werden de kinderen uitgedaagd om samen te werken en hun talenten te ontdekken.

Dönci Bánki werkt als fysiek theatermaker en bewegingsacteur, is werkzaam als mime-docent op de afdeling Kunst, Theater en Media van het Vista College.
Hij maakte producties bij het Laagland theater (zoals Theater na de Dam).
Hij is vakdocent Toneel, Mime en Clownerie op basisscholen en het voortgezet onderwijs.
Zie zijn website voor meer informatie.

In de middag nam Dick Hagenaars het stokje over met een muzikale workshop, waarbij de kinderen samen een performance voorbereidden en opvoerden voor hun grootouders. Deze activiteiten zorgden voor plezier, verbinding en een positieve afsluiting van de dag.

Dick is een veelzijdig muzikaal talent. In het dagelijkse leven geeft hij muzikale activiteiten op de basisschool en MBO onderwijs. Op een creatieve wijze geeft hij hier invulling aan.
Dick was in staat om samen met kinderen gedurende anderhalf uur een performance te creëren en vervolgens met de kinderen een show op te voeren voor de grootouders. “Het dak ging er af” tijdens deze muzikale act.

9. Afsluiting en netwerkborrel
De dag werd afgesloten met een hapje en een drankje, waarbij deelnemers de gelegenheid hadden om na te praten en ervaringen uit te wisselen. De dag bood een waardevolle mix van ontmoeting, kennisdeling en inspiratie voor pleeggrootouders, pleegkinderen en professionals in de pleegzorg.
Het evenement liet zien hoe belangrijk het is om pleeggrootouders te ondersteunen en hun positie te versterken. De combinatie van persoonlijke verhalen, praktische workshops en ruimte voor ontmoeting maakt deze dag tot een waardevolle traditie. We streven ernaar om samen met andere partijen in de toekomst nog meer aandacht te besteden aan thema’s als rouwverwerking, juridische ondersteuning en het versterken van netwerken tussen pleeggrootouders.
10. Verdieping: Juridische kwesties
10.1 Gezag en voogdij: wie beslist?
Gezag: In de meeste pleegzorgsituaties ligt het ouderlijk gezag bij de biologische ouders of bij een gecertificeerde instelling (bijvoorbeeld Jeugdbescherming). Pleeggrootouders hebben in principe geen gezag, maar zijn wel verantwoordelijk voor de dagelijkse zorg en opvoeding van hun kleinkind. Dit betekent dat zij veel praktische beslissingen nemen, maar voor belangrijke zaken (zoals schoolkeuze, medische ingrepen of verhuizing) afhankelijk zijn van toestemming van de gezaghebbende ouder of voogd.
Voogdij door pleeggrootouders: In sommige gevallen kan de rechter het gezag aan de pleeggrootouder(s) toewijzen in de vorm van voogdij. Dit gebeurt meestal als duidelijk is dat het kind niet meer terug kan naar de biologische ouders. Pleegoudervoogdij betekent dat de pleeggrootouder wettelijk vertegenwoordiger wordt van het kind en zelfstandig beslissingen mag nemen. Dit brengt rechten én plichten met zich mee, zoals het voeren van de administratie, het regelen van schoolzaken en het aanvragen van toeslagen.
Let op:
- Voogdij kan alleen via de rechtbank worden verkregen. Het is verstandig vooraf de slaagkans in te schatten en gebruik te maken van gratis spreekuren of juridisch advies van de pleegzorgorganisatie.
- Voogdij heeft gevolgen voor de ondersteuning: in de praktijk valt soms extra hulp weg, omdat voogden als ‘gewone’ ouders worden gezien.
10.2 Blokkaderecht: bescherming tegen plotselinge overplaatsing
Het blokkaderecht is een belangrijk juridisch instrument voor pleegouders, inclusief pleeggrootouders. Als een pleegkind langer dan één jaar bij de pleeggrootouders woont, mogen de biologische ouders of de voogd het kind niet zomaar terughalen. Zij hebben dan toestemming nodig van de pleeggrootouders. Weigeren de pleeggrootouders, dan kan de ouder of voogd naar de kinderrechter stappen. De rechter beslist uiteindelijk in het belang van het kind.
Voorwaarden blokkaderecht:
- Het kind woont minimaal één jaar bij de pleeggrootouders.
- Het gaat om een vrijwillige plaatsing of voogdijplaatsing (niet bij OTS).
- De ouder of voogd wil de plaatsing beëindigen.
Bij OTS (ondertoezichtstelling): Na één jaar moet de jeugdbescherming altijd toestemming vragen aan de rechter voor overplaatsing. Het blokkaderecht geldt dan in aangepaste vorm.
10.3 Vergoedingen en financiële aspecten
Pleegvergoeding: Pleeggrootouders die via een officiële plaatsing (met pleegcontract) voor hun kleinkind zorgen, hebben recht op een pleegvergoeding. Deze vergoeding is bedoeld voor de kosten van verzorging en opvoeding en wordt jaarlijks vastgesteld door de overheid. De hoogte hangt af van de leeftijd van het kind en varieert in 2025 van circa €24 tot €29 per dag. Er zijn toeslagen mogelijk voor bijzondere situaties, zoals crisisopvang of zorg voor meerdere pleegkinderen.
Belangrijk:
- De pleegvergoeding is belastingvrij en heeft geen invloed op uitkeringen of toeslagen.
- Informele opvang (zonder officiële plaatsing) geeft géén recht op vergoeding.
- Bij voogdij kan de vergoeding lager uitvallen of zelfs vervallen, omdat voogden als ‘gewone’ ouders worden gezien. Dit leidt in de praktijk tot knelpunten en ongelijkheid.
Bijzondere kosten: Voor kosten die niet uit de basisvergoeding betaald kunnen worden (zoals orthodontie, logopedie, extra reiskosten), kan een vergoeding voor bijzondere kosten worden aangevraagd bij de pleegzorgorganisatie. De regels hiervoor verschillen per organisatie en gemeente.
10.4 Erfrecht en nalatenschap
Pleegkind als erfgenaam: Een pleegkind is volgens de wet géén erfgenaam van de pleeggrootouder. Wil je als pleeggrootouder je kleinkind laten erven, dan moet je dit expliciet vastleggen in een testament. Alleen dan kan het pleegkleinkind delen in de erfenis.
Fiscale vrijstelling: Een pleegkind kan voor de erfbelasting gelijkgesteld worden aan een eigen kind, mits het vóór het 21e levensjaar minstens vijf jaar als eigen kind is opgevoed en onderhouden door de pleeggrootouder. Wordt aan deze voorwaarde voldaan, dan gelden dezelfde (gunstige) tarieven en vrijstellingen als voor biologische kinderen. Wordt niet aan deze voorwaarde voldaan, dan geldt het hoge ‘derden-tarief’ (30-40%) en een lagere vrijstelling.
Let op bij bijstandsouders: Wil je voorkomen dat een deel van de erfenis bij de biologische ouder terechtkomt (bijvoorbeeld als deze een bijstandsuitkering heeft), dan is het verstandig om een tweetrapsmaking of andere constructie in het testament op te nemen. Laat je hierover goed adviseren door een notaris.
10.5 Juridische ondersteuning en advies
Waar kun je terecht?
- Pleegzorgorganisatie: Eerste aanspreekpunt voor praktische en juridische vragen.
- Nederlandse Vereniging voor Pleeggezinnen (NVP): Onafhankelijke helpdesk met veel kennis van juridische zaken in pleegzorg. Ook niet-leden kunnen hier terecht voor advies.
- Vertrouwenspersoon Jeugdstem: Voor ondersteuning bij klachten, gesprekken en procedures.
- Advocaat: Nodig bij procedures bij de kinderrechter, bijvoorbeeld bij verzoeken tot gezagsbeëindiging, voogdij of blokkaderecht. Rechtsbijstandsverzekering kan soms de kosten dekken.
Praktische tips
- Maak gebruik van gratis spreekuren bij pleegzorgorganisaties of juridische loketten.
- Houd een dagboek bij van belangrijke gebeurtenissen en communicatie met instanties.
- Vraag tijdig advies bij complexe situaties, zoals dreigende overplaatsing, gezagskwesties of nalatenschap.
10.6 Veelvoorkomende juridische dilemma’s uit de praktijk
- Terugplaatsing/terugeisen door biologische ouders: Kan alleen via de pleegzorgorganisatie en/of de rechtbank. Juridische bijstand is aan te raden.
- Bankrekening openen voor pleegkind: Kan lastig zijn bij vrijwillige plaatsing; let op fiscale consequenties.
- Relatie met biologische ouders: Spanning in de driehoek ouder-kind-pleeg(groot)ouder vraagt om maatwerk en soms juridische interventie.
- Verschillen in ondersteuning: De mate van ondersteuning en vergoeding verschilt per gemeente en per situatie (vrijwillig, OTS, voogdij).
- Blokkaderecht: Zie hierboven; essentieel om te weten wanneer en hoe je dit recht kunt inzetten.
Conclusie: De juridische positie van pleeggrootouders is complex en vraagt om maatwerk, goede informatie en tijdige ondersteuning. Belangrijke aandachtspunten zijn het verkrijgen van gezag of voogdij, het benutten van het blokkaderecht, het regelen van een eerlijke vergoeding, het goed vastleggen van erfrechtelijke wensen en het tijdig inschakelen van juridische hulp. Door deze aspecten goed te regelen, kunnen pleeggrootouders zich richten op waar het echt om draait: het bieden van een veilige, stabiele en liefdevolle omgeving voor hun kleinkinderen.
11. Verdieping: Rouw en verlies bij pleeggrootouders
11.1 De dubbele rouw van pleeggrootouders
Rouw en verlies zijn onlosmakelijk verbonden met het pleeggrootouderschap. Pleeggrootouders krijgen te maken met een unieke, dubbele rouw: enerzijds het verdriet om het eigen kind dat (tijdelijk of blijvend) niet in staat is voor het kleinkind te zorgen, anderzijds het verdriet en de zorgen om het kleinkind zelf, dat vaak een moeilijke start heeft gehad.
Deze dubbele rouw wordt in de praktijk vaak onderschat. Pleeggrootouders voelen zich soms niet vrij om hun eigen verdriet te tonen, omdat de aandacht vooral uitgaat naar het pleegkleinkind. Kwetsbaar opstellen wordt niet altijd begrepen door pleegzorgbegeleiders, waardoor pleeggrootouders zich alleen kunnen voelen in hun rouwproces.
11.2 Verlies kent vele vormen
Rouw bij pleeggrootouders gaat niet alleen over overlijden. Het begint vaak al bij de beslissing om de zorg voor het kleinkind op zich te nemen. Dit betekent afscheid nemen van het leven zoals het was: de rol van ‘gewone’ opa of oma verandert in die van opvoeder. Dit brengt verlies van vrijheid, tijd, energie en soms ook sociale contacten met zich mee.
Daarnaast is er het verlies van verwachtingen: het ideaalbeeld van het gezin van het eigen kind, de hoop op herstel, of de wens om van het grootouderschap te genieten zonder opvoedverantwoordelijkheid. Ook de relatie met het eigen kind verandert vaak ingrijpend, wat kan leiden tot gevoelens van teleurstelling, boosheid of schuld.
11.3 Rouw bij pleegkinderen en het belang van erkenning
Niet alleen pleeggrootouders, maar ook pleegkinderen ervaren verlies. Zij verliezen hun vertrouwde omgeving, hun ouders, broertjes of zusjes, school en soms zelfs hun huisdier. Dit verlies kan leiden tot gevoelens van verdriet, boosheid, angst en onzekerheid. Het is belangrijk dat pleeggrootouders deze gevoelens erkennen en ruimte geven aan het rouwproces van hun kleinkind. Rouwen is een fundamenteel onderdeel van emotioneel herstel en het opbouwen van een nieuwe, veilige basis.
11.4 Praktische handvatten voor omgaan met rouw
a. Erken het verlies
- Neem je eigen gevoelens serieus. Rouw is persoonlijk en kent geen meetlat. Verdriet, boosheid, schuld en zelfs opluchting mogen er allemaal zijn.
- Erken ook het verlies van het kleinkind. Geef ruimte aan emoties en praat erover, zonder te oordelen of te bagatelliseren.
b. Zoek steun
- Doe het niet alleen. Lotgenotencontact, bijvoorbeeld via koffieochtenden of pleeggrootoudergroepen, biedt herkenning en steun.
- Vraag bij de pleegzorgorganisatie om begeleiding van een rouwcoach. Steeds meer organisaties bieden deze mogelijkheid aan.
- Maak gebruik van professionele hulp als het rouwproces vastloopt. Rouwbegeleiding of therapie kan helpen om het verlies een plek te geven en weer verder te kunnen.
c. Geef het verlies een plek in het dagelijks leven
- Bespreek herinneringen, maak samen een fotoboek of schrijf in een dagboek.
- Sta stil bij belangrijke data of gebeurtenissen, bijvoorbeeld de verjaardag van het eigen kind of het moment van plaatsing.
- Wees alert op signalen van gecompliceerde rouw, zoals langdurige somberheid, boosheid of terugtrekgedrag.
d. Zorg voor jezelf
- Zelfzorg is essentieel. Neem tijd voor ontspanning, hobby’s en sociale contacten.
- Vraag om praktische hulp, bijvoorbeeld oppas of ondersteuning bij administratieve zaken.
11.5 Rouwtakenmodel als leidraad
Het rouwtakenmodel van William Worden wordt vaak gebruikt als leidraad bij rouwbegeleiding:
- Het aanvaarden van het verlies.
- Het doorleven van de pijn en het verdriet.
- Het aanpassen aan een nieuw leven waarin het verlies een plek krijgt.
- Het opnieuw leren genieten en investeren in nieuwe relaties en activiteiten.

Voor pleeggrootouders betekent dit: accepteren dat het leven anders loopt dan gehoopt, ruimte geven aan emoties, zoeken naar een nieuw evenwicht tussen de verschillende rollen en uiteindelijk weer perspectief vinden.
11.6 Cultuur, generatie en taboe
In sommige culturen is het vanzelfsprekend dat grootouders de zorg voor kleinkinderen op zich nemen. In Nederland wordt dit soms als problematisch gezien, wat kan leiden tot onbegrip of vooroordelen. Het is belangrijk om deze verschillen te erkennen en bespreekbaar te maken.
